ℹ️ Documentatie & Uitgebreide Aannames
Wat dit model doet
- Berekent vermogensopbouw vóór FIRE en onttrekking erna, jaar voor jaar
- Belast pensioeninkomen per partner individueel (Box 1, schijventarief 2026). Optioneel: geavanceerde belastingberekening met heffingskortingen
- Lijfrentespaarrekening (LRS): opbouw (saldo + groei), conversie op gekozen leeftijd (uiterlijk AOW+5), bruto uitkering (levenslang of bepaalde tijd); met partner een aparte LRS-stroom
- Modelleert AOW-korting bij partner (elk 5/7 i.p.v. 100% alleenstaandentarief)
- Ondersteunt vier onttrekkingsstrategieën:
- Vast bedrag (levensfasen) — U geeft per fase (go-go / go-slow / no-go) een vast bedrag op; dat wordt elk jaar (optioneel) geïndexeerd.
- Percentage van vermogen — U trekt elk jaar een vast percentage van het actuele vermogen op; het bedrag varieert dus mee met de portefeuille.
- VPW (Variable Percentage Withdrawal) — Het onttrekkingspercentage wordt per jaar bepaald door uw resterende levensverwachting (CBS-achtige tafel): hoe ouder, hoe hoger het percentage. Zo verbruikt u het vermogen geleidelijk en past de onttrekking zich aan de portefeuille aan.
- Guardrails (Guyton-Klinger) — U start met uw vaste bedrag. Bij een sterke daling (portefeuille onder de vloer, bijv. 90% van startvermogen) wordt het bedrag met 10% verlaagd; bij een sterke stijging (boven het plafond, bijv. 110%) met 10% verhoogd. Beperkt sequence-of-returns risk en laat meevallers meeprofiteren.
- Eenmalige gebeurtenissen: dynamische lijst (erfenis, schenking, eenmalige uitgaven) met optie om bedragen in Box 1 mee te nemen
- Met partner: optioneel nabestaandenscenario (extra lijn in de grafiek — AOW alleenstaand, nabestaandenpensioen, lagere uitgaven)
- Ondersteunt downsize naar seniorenwoning en verkoop/verhuizing naar woonzorg. Prijzen in huidige euro's, stijgen mee met de woningmarkt
- Toont drie vaste scenario's (pessimistisch / basis / optimistisch) op de hoofdgrafiek
- Monte Carlo Analyse (premium): simuleert 10.000 rendementsreeksen, toont slagingskans met toelichting, spreidingsgrafiek en persoonlijke aanbevelingen om uw plan te verbeteren
- Toont inkomensbronnen gestapeld per jaar (bijverdiensten, AOW, pensioen, onttrekking)
- Historische backtesting (knop "📈 Backtesting"): test uw plan tegen alle historische startjaren 1970–2025 via een rolling-window simulatie op reële aandelenrendementen (MSCI World proxy)
- Onttrekkingsoptimizer (knop "⚙️ Onttrekkingsoptimizer"): vergelijkt negen onttrekkingsstrategieën en -percentages via Monte Carlo (1.500 simulaties elk) en toont succeskansen, mediane eindwaarden en gemiddelde jaarlijkse onttrekking naast elkaar
Rekenmodus: reëel vs. nominaal
De velden Rendement opbouw en Rendement FIRE zijn het verwachte reële rendement op uw vermogen (na inflatie, na box 3): dus de groei van uw beleggingen in koopkracht.
- Reële modus (aanbevolen) Alles in de koopkracht van vandaag: vermogen groeit met het ingevoerde reële rendement, uitgaven en pensioenen blijven constant in reële termen. Consistent met de 4%-regel en de meeste FIRE-literatuur; makkelijk vergelijkbaar.
- Nominale modus Uitgaven en pensioenen worden elk jaar geïndexeerd met inflatie resp. het indexatiepercentage. Het vermogen groeit in dit model echter nog steeds met hetzelfde reële rendement (er wordt geen nominale groei = reëel + inflatie toegepast). Daardoor is nominale modus conservatiever: u vergelijkt vermogen in reële termen met uitgaven die in nominale termen stijgen, wat vaak een iets latere FIRE-leeftijd geeft. Nominale modus is handig als u expliciet met toekomstige euro-bedragen wilt rekenen; een “volledig” nominale weergave (ook vermogensgroei in nominale termen) wordt in deze versie niet ondersteund.
Monte Carlo — aannames & beperkingen
- Aanname Log-normaal rendementsmodel — Jaarlijkse rendementen worden getrokken uit een log-normale verdeling. De mediaan (50e percentiel) komt overeen met uw ingevoerde doelrendement. Dit is een gangbare vereenvoudiging; werkelijke rendementen hebben dikkere staarten (extreme jaren komen vaker voor dan een normaalverdeling voorspelt).
- Aanname Volatiliteit afgeleid van scenario-afwijking — De standaarddeviatie (σ) voor de Monte Carlo simulatie is gelijk aan uw "Scenario afwijking" × 2 (standaard 3%). Bij ±1,5% spread komt dat overeen met σ = 3% — conservatief laag voor een aandelenportefeuille (historisch σ ≈ 15–20%). Verhoog de scenario-afwijking voor een breder waaiereffect.
- Aanname Onafhankelijke jaarlijkse rendementen — Elk jaar wordt onafhankelijk getrokken. In werkelijkheid vertonen beursrendementen lichte negatieve autocorrelatie op korte termijn (mean reversion) en positieve autocorrelatie bij crises (momentum). Dit model negeert die patronen.
- Let op Succeskans is geen garantie — Een succeskans van 90% betekent dat in 10% van de gesimuleerde reeksen het vermogen op enig moment negatief wordt. In werkelijkheid zou u dan uw uitgaven aanpassen — het model gaat hier niet van uit (vaste uitgaven).
- Let op Monte Carlo gebruikt vaste uitgaven per levensfase — Het basisscenario ondersteunt VPW en guardrails; de Monte Carlo-simulatie gebruikt echter steeds de vaste uitgaven (go-go / go-slow / no-go). De werkelijke succeskans bij een flexibele strategie kan daardoor hoger zijn dan de getoonde kans. Gebruik de Onttrekkingsoptimizer voor een eerlijke vergelijking tussen alle strategieën.
Inkomensbronnen grafiek — aannames
- Aanname Pensioen- en AOW-bedragen zijn constant in reële termen — De gestapelde inkomensgrafiek toont netto bedragen in huidige koopkracht (reëel modus). Belasting wordt proportioneel over de bronnen verdeeld. In nominale modus worden bedragen geïndexeerd met uw ingevoerde indexatiepercentage.
- Standaard Onttrekking is netto — De onttrekkingsbalk toont alleen wat daadwerkelijk uit het vermogen komt (uitgaven minus netto pensioen). Belasting op pensioeninkomen is al verrekend.
Lijfrentespaarrekening (LRS)
- Standaard Wat wordt gemodelleerd — De tool ondersteunt een lijfrentespaarrekening in drie stappen: (1) opbouw: huidig saldo groeit tot het conversiemoment; (2) conversie: op een door u gekozen leeftijd wordt het saldo omgezet in een lijfrente; (3) uitkering: vanaf die leeftijd ontvangt u een bruto bedrag per jaar (box 1), net als andere pensioenen. Het LRS-saldo telt niet mee in uw box-3 vermogen.
- Standaard Uiterste ingangsdatum — De eerste uitkering moet uiterlijk plaatsvinden in het jaar waarin u de AOW-leeftijd + 5 jaar bereikt (bijv. AOW 67 → uiterlijk 72). De tool valideert dit; u kiest zelf de startleeftijd (bijv. AOW of AOW+1).
- Standaard Uitkeringsvormen — Ondersteund: levenslang (vaste bruto uitkering zolang u leeft, op basis van een annuïteitsfactor) en bepaalde tijd (vaste bruto uitkering over een gekozen aantal jaren, minimaal 5). In nominale modus worden LRS-uitkeringen geïndexeerd met hetzelfde percentage als uw overige pensioenen.
- Standaard Partner-LRS — Met partner kunt u een aparte lijfrentespaarrekening voor de partner invullen (eigen saldo, startleeftijd ≤ partner AOW+5, uitkeringsvorm). Beide stromen tellen mee voor het huishoudinkomen; overlijdensrisico of partner-rechten op het product worden niet gemodelleerd (elk zijn eigen single-life uitkering).
- Vereenvoudiging Geen jaarruimte in de tool — De maximale fiscaal aftrekbare inleg (jaarruimte/reserveringsruimte) wordt hier niet berekend. Vul uw huidige saldo en eventueel verwachte groei in; voor aftreklimieten kunt u de rekentool van de Belastingdienst of uw adviseur gebruiken.
- Vereenvoudiging Vaste annuïteitsrente — Voor de omzetting van saldo naar bruto uitkering wordt een standaard rente gebruikt (instelbaar). De werkelijke uitkering hangt af van de voorwaarden van uw aanbieder op het moment van conversie.
Vereenvoudigingen (algemeen)
- Conservatief (standaard) Heffingskortingen — Standaard worden algemene heffingskorting en ouderenkorting niet afgetrokken (veiligheidsmarge). U kunt in de sectie Pensioenen "Geavanceerde belastingberekening" aanzetten om ze wel mee te nemen (preciezer, minder conservatief).
- Conservatief Pensioeninterpolatie bij FIRE vóór pensioenleeftijd — Als u "Lopend pensioen" activeert, wordt het geschatte pensioen lineair geïnterpoleerd tussen uw opgebouwde en te bereiken pensioen. Voor beschikbare-premieregelingen (met leeftijdsafhankelijke staffel) kan het werkelijke pensioen iets hoger uitvallen dan deze schatting, omdat de staffel is ontworpen om de opbouw per dienstjaar gelijk te trekken maar de laatste jaren doorgaans iets meer bijdragen. Deze licht conservatieve afwijking (circa 5–10%) is bewust: beter een te voorzichtige dan een te rooskleurige schatting.
- Standaard Box 3 verwerkt in rendement — De vermogensrendementsheffing is niet apart berekend maar verwerkt in het netto rendement dat u invoert. Dit is de gangbare aanpak, zeker zolang het box 3-stelsel in transitie is.
- Standaard Box 2 (aanmerkelijk belang) — Met Premium kunt u dividend, verkoop of liquidatie van een BV meenemen in het plan (Box 2-belasting per persoon, inclusief effect op heffingskortingen en zorgtoeslag). Zonder Premium wordt Box 2-inkomen niet meegenomen.
- Standaard Hypotheek niet als uitgaven gemodelleerd — De hypotheekvelden (restschuld, rente, looptijd, aflossen bij FIRE) worden alleen gebruikt voor de belastingberekening: eigenwoningforfait (WOZ) en hypotheekrenteaftrek. Hypotheekbetalingen worden niet als aparte uitgaven opgeteld bij uw jaarlijkse uitgaven; netto rentelast (na aftrek) en eventuele nieuwe hypotheken (bijv. op een seniorenwoning) worden niet berekend. Neem het effect van uw hypotheek op uw besteedbaar inkomen zelf mee in uw ingevoerde uitgaven per levensfase (go-go / go-slow / no-go).
- Let op Zorgkosten op hogere leeftijd — De eigen bijdrage voor een verpleeghuis (WLZ) kan oplopen tot €2.500+/maand. Dit is niet apart gemodelleerd. Tip: verhoog de no-go uitgaven als buffer, of controleer de Monte Carlo succeskans.
- Let op Sequence-of-returns risk — Een beurskrach vlak na FIRE doet veel meer schade dan later. De Monte Carlo simulatie modelleert dit wel (stochastische rendementen per jaar); de drie vaste scenario's niet. Gebruik de Monte Carlo grafiek of de Historische backtesting voor een realistischer beeld — backtesting toont expliciet hoe uw plan zou hebben gepresteerd bij een start vlak vóór de dot-com-crash (2000) of de financiële crisis (2008).
- Standaard Eenmalige gebeurtenissen — Erfenissen, schenkingen of eenmalige uitgaven kunt u toevoegen via "Eenmalige gebeurtenissen" (met optie om belast (box 1) mee te nemen). Overige eenmalige uitgaven (autovervanging, onderhoud) zijn niet apart gemodelleerd; neem een buffer op in de jaarlijkse uitgaven.
- Standaard FIRE start op 1 januari — Het model gaat ervan uit dat u stopt met werken aan het begin van het FIRE-jaar.
Hoe de grafiekweergaven werken
3 Scenario's: Toont drie lijnen met uw ingevoerde rendement als basisscenario, plus een pessimistisch en optimistisch scenario met een instelbare afwijking (standaard ±1,5%). Alleen het beleggingsrendement verschilt — uitgaven, pensioenen en woningwaarde zijn gelijk in alle drie.
Monte Carlo Analyse (premium): Klik op "🎲 Monte Carlo Analyse" in de toolbar. De analyse draait 10.000 gesimuleerde rendementsreeksen en toont drie lagen: (1) een duidelijke slagingskans met toelichting in gewoon Nederlands, (2) een spreidingsgrafiek met groene band (gunstig) en oranje band (ongunstig), en (3) persoonlijke aanbevelingen — elke suggestie (bijv. "1 jaar langer werken") is doorgerekend met 1.000 extra simulaties, zodat u precies ziet hoeveel uw slagingskans verbetert.
Historische backtesting: Simuleert uw pensioenplan voor elk historisch startjaar in de dataset (1970–2025) door de werkelijke jaarlijkse rendementen van wereldwijde aandelen te gebruiken in volgorde (MSCI World proxy, reële rendementen). Dit sluit aan bij een belegging in wereldwijde indexfondsen (bijv. VWRL/VWCE); het is geen weergave van het gemengde beleggingsbeleid van Nederlandse pensioenfondsen. Per "startjaar-venster" wordt berekend of uw vermogen de volledige pensioenperiode overleeft. Het resultaat is een historisch succespercentage en een percentielenwaaier. Dit complementeert Monte Carlo: backtesting gebruikt de exacte historische volgorde — inclusief periodes als de oliecrisis (1973–74), dot-com-crash (2000–02) en financiële crisis (2008).
Onttrekkingsoptimizer: Draait voor negen combinaties van strategie en onttrekkingspercentage (Vast 3–5%, VPW, Guardrails, Percentage 4–5%) elk 1.500 Monte Carlo simulaties. Toont succeskans, mediane eindwaarde, P10-eindwaarde en gemiddelde jaarlijkse onttrekking naast elkaar. De strategie met de hoogste succeskans (bij gelijkspel: hoogste mediane eindwaarde) wordt automatisch gemarkeerd als "beste".
Gevoeligheidsanalyse (tornado): Toont hoe gevoelig uw eindwaarde is voor veranderingen in één parameter tegelijk. Per parameter wordt een vaste variatie toegepast (bijv. ±10% voor uitgaven en vermogen, ±20% voor jaarlijkse inleg, ±2 jaar voor FIRE-leeftijd, ±1%-punt voor rendementen). De horizontale balken geven het verschil in eindwaarde ten opzichte van het basisscenario; rood = lagere eindwaarde, groen = hogere eindwaarde. Parameters met de grootste impact staan bovenaan.
| Jaar | Leeftijd | Start Vermogen | Inleg/Opname | Rendement | Uitgaven | Pensioen | Bijverdiensten | Belasting | Inkomen (Netto) | Cashflow | Eind Liquide | Totaal Vermogen | Fase | Opmerking |
|---|